364

Zondag 16 september 2001


Verleden week stortte het WTC in New York in. De wereld ziet er anders uit nu. Aan Huub niet meer uit te leggen. Maar hij is veilig, hoe idioot dat ook klinkt.

Ik vind dit heel moeilijk. Nu ben ik niet alleen vervreemd van de wereld, maar de wereld ook van mij.

23 december 2001


In Nijmegen ligt zelfs sneeuw en het is ijskoud en flink glad. Ik heb massa's kerstkaarten verstuurd met een tekst van Huub erop en krijg veel respons. Lieve woorden voor mij, maar ook veel bedankjes dat ik Huub zo weer even terughaal. Veel mensen die schrijven: een jaar geleden al! Ikzelf heb het idee dat dit het langste jaar uit mijn leven was en er tegelijkertijd nog geen seconde voorbij is gegaan sinds hij stierf.
De begraafplaats is prachtig. Huubs koude lijf ligt beschermd onder een dikke laag sneeuw. De oranje avondzon haalt nog net de kruin van de bomen om hem heen. Over alles ligt een laag wit. Ik vind sporen van een ree naast zijn graf en dat ontroert me. Ik steek de lichtjes aan en heb echt het gevoel dat ik daarmee hem en mij zichtbaar maak. Ik ben het die ze aansteekt, ik ben hier voor hem en doe ze voor hem aan. Ik leg een verse vetbol voor de vogels op zijn graf. Laten ze maar komen, dat vind ik mooi. Ik maak foto's, het is er mooi.
Ik voel geen groot verdriet meer, het passeren van zijn eerste sterfdag was werkelijk een mijlpaal. Ik was zenuwachtig, maar dat was niet nodig. Ik voelde het de dag daarna al, er was iets veranderd. Dat zeggen ze altijd, ik heb nu ervaren dat het zo is. Het verdriet is in me getrokken alsof ik ermee geimpregneerd ben. Het zal altijd bij me blijven, maar dat is goed. Het is alles wat ik van Huub over heb. Geen verdriet voelen zou betekenen dat ik onverschillig ben geworden. Dat nooit. Ik voel dat het in mijn ogen is gaan zitten.

achtergronden
achtergronden
alma
alma
alma
alma