363

27 augustus 2001


Je zorgt nog steeds, over de dood heen, dat Huub niets tekortkomt, zei David van het riagg vanochtend. Maar Huub komt niets tekort, en is niets tekortgekomen. Jij bent nu zelf aan de beurt. Maar wat ik zie is dat jij niet eens meer weet dat je tekortkomt. Dat je al je hele leven niet weet wat je van anderen mag verwachten voor jezelf. Wat Huub te veel had heb jij te weinig.
Is dat een probleem, vroeg ik. Want dat is echt het laatste waar ik nu mee bezig ben. Nee, dat niet, zei David. Je kunt er heel oud mee worden. Ik vind het alleen zo jammer voor je. Maar verder vond hij dat ik bezig was heel veel goeds te leren maar dat ik daar nog meer tijd en rust voor moest nemen. En hij vond dat het geen puinhoop was, bij mij aan boord, dat hij zelf tekenen zag dat het goed ging. Ik was echt blij dat te horen, hij zou er niet om liegen. Want zelf vind ik het allemaal maar een verwarrende en energieslurpende puinhoop. Nog steeds.

Daarna naar Nijmegen. Ik betrapte me even op de gedachte: ga je weer voor Huub zorgen. Maar ik ga voor mezelf naar Nijmegen. Die plek maakt me rustig, helder. Ik kan er in alle rust verdriet hebben, er is niemand die iets anders van me verwacht daar. En het ruikt er lekker, ik ben er gewoon graag.

Bij Huub bloeien tot mijn verrassing de gladiolen in volle glorie. De dood en de gladiolen. Thuis zijn alleen wat pierige sprietjes opgekomen. Logisch ma, zegt Camiel, die grond daar is natuurlijk stukken beter, he he.
Het is een moeilijk idee dat Huubs lijf daar ligt te vergaan. Het zal wel een drukte van belang zijn, onder de grond. Ik kan dat niet negeren, het feit dat dat dierbare lijf van mijn man daar ligt te ontbinden. Aan de andere kant ook een lekker idee. Zo keer je als mens terug naar je plaats in een grotere cyclus die je ook boven de grond kunt zien. In bloei komen en afsterven. En dan volgend jaar gewoon opnieuw beginnen aan het rondje.

Ik loop nog even over het hoger gelegen deel van de begraafplaats en vind ineens het graf van die Norbert, waar dat jongetje Levi met zijn moeder toen voor kwam. Het klopt, er zit een koperen salamandertje op de rand. Norbert was nog jong, pas 32 en liet twee kleine kinderen achter. Er liggen tekeningen voor papa op zijn graf. Geestig is dat er ook een levend hagedisje zit dat ik pas zie als hij wegschiet.

achtergronden
alma
alma
alma